Historische wapenfeiten 

Hoe oud is de gemeente Zoetermeer? Is het een jonge stad? Voor 1100 was er al sprake van een vissersdorpje Zoetermeer! Ton Vermeulen van het Historisch Genootschap 'Oud Soetermeer' (HGOS) vertelt kleurrijk over de boeiende verre geschiedenis van onze stad. Hij neemt ons eeuwen mee terug, naar de tijd van moeras, turf, geuzen en kunstmatige deling van twee dorpen.

Het Historisch Genootschap 'Oud Soetermeer' is de historische vereniging van Zoetermeer. Het genootschap bestaat sinds 1949 en telt ruim 1.200 leden. De doelstelling van de vereniging is het onderzoeken, uitdragen en behouden van de historie van Zoetermeer. De vereniging organiseert een aantal activiteiten zoals inloopavonden, lezingen en excursies. Daarnaast verschijnt vier keer per jaar het verenigingsblad ’t Seghen Waert waarin naast de verenigingsnieuwtjes allerlei historische wetenswaardigheden worden gepubliceerd. Ook geeft de vereniging regelmatig publicaties zoals boeken over de geschiedenis van Zoetermeer uit. Binnen de vereniging zijn vier werkgroepen actief: Historisch Erfgoed, Archeologie, Genealogie en Interviews. De vereniging beschikt over een uitgebreide bibliotheek over de geschiedenis in het algemeen en die van Zoetermeer in het bijzonder. De collectie historische foto’s bevat ruim 10.000 foto's. Daarnaast heeft de vereniging een grote collectie kaarten en plattegronden van de 16e eeuw tot heden.

 

1 De slag bij Zoetermeer, 1574

De Tachtigjarige Oorlog heeft ook Zoetermeer niet onberoerd gelaten. In september 1574, toen de Maasdijken op bevel van de prins van Oranje waren doorgestoken en het gehele gebied tussen Maas en Rijn blank stond, voeren de watergeuzen onder leiding van Boisot op platbodems richting Zoetermeer. Ten zuiden van Zoetermeer lag namelijk de eeuwenoude Landscheidingsdijk tussen Delfland en Rijnland, waarop de Spanjaarden zich verschanst hadden. Na de nodige schermutselingen werden de Spanjaarden door de geuzen verslagen en de dijken doorgestoken. De Zoetermeerse boeren hadden te kampen met de nadelige gevolgen van het water. Door het weghalen van turf was het al erg drassig in Zoetermeer. De extra hoeveelheid water was rampzalig voor de boeren en ze hadden niet veel op met de geuzen.  De geuzen konden door de Zoetermeerse polder verder varen. Een volgend obstakel vormde echter de Voorweg in Zoetermeer, die door de Spanjaarden was bezet en te hoog was om onder water te lopen. De Zoetermeerder Wolfert Adriaanszoon wees de geuzen een sluiproute via de Zegwaartseweg en de Leidsewallen. Hij werd rijkelijk beloond voor zijn advies met een bedrag van maar liefst vijftig gulden. Met een omtrekkende beweging bereikten de geuzen toen het Zoetermeerse meer. Vandaar was het een peulenschil om bij Leiden te komen en de Spanjaarden boden hoegenaamd geen weerstand meer. Op 3 oktober werd Leiden ontzet.

 

 

2 Samenvoeging Zoetermeer en Zegwaart, 1935

De dorpen Zoetermeer en Zegwaart werden op 1 mei 1935 samengevoegd tot één gemeente. De nieuwe gemeente had toen 4500 inwoners. In Zegwaart woonden relatief minder kapitaalkrachtigen dan in Zoetermeer. Dat is nu nog terug te zien in de bouw van huizen. De oude huizen rond de Dorpsstraat zijn veel kleiner van opzet dan bijvoorbeeld de woningen richting de Voorweg. Dit financiële verschil was voor het gemeentebestuur van Zoetermeer jarenlang het motief om niet te willen praten over vereniging van beide dorpen. Er werd echter al decennia lang op vele fronten samengewerkt en er was zelfs maar één burgemeester voor beide dorpen. De grens lag bij de Oude Kerk, die op beider gebied lag. De naam Zegwaart verdween na de samenvoeging. Eigenlijk vond die samenvoeging niet zo heel lang geleden plaats. Nu nog heeft Zoetermeer inwoners die in het dorp Zegwaart geboren zijn.

 

 

3  Droogmaking van Zoetermeerse Meer, 1614

In december 1614 werd het octrooi verstrekt tot droogmaking van het Zoetermeerse Meer, nu de Meerpolder. Het meer zorgde voor wateroverlast met oevers waarvan telkens stukken werden weggeslagen. Technisch gezien was het ook nu pas mogelijk om een groot gebied droog te malen met behulp van windmolens en er was voldoende particulier kapitaal. Diverse particulieren vormden een compagnonschap en bouwden een dijk om het meer en molens. Er was circa twee jaar voor nodig om het gehele meer droog te malen. Hiermee had Zoetermeer een primeur in Rijnland. Alleen in Noord-Holland waren al eerder met meerdere molens plassen drooggemaakt. Op de kaart van Floris Balthasars uit 1614 is boven het meer de Noord-Aa te zien zoals dat nu ook nog bestaat (bij boerderij Het Geertje). Rechtsonder zijn de twee dorpskernen van Zoetermeer en Zegwaart zichtbaar.

 

 

4 De eerste boeren-vissers vestigen zich, 985                                                                                                             Zoetermeer is ontstaan in (of voor) de tiende eeuw als een nederzetting van akkerbouwers en vissers midden in het grote Hollands-Utrechts moerasgebied. Vanaf de Oude Rijn kwamen mensen aan, op zoek naar een plek om graan te planten en zich te vestigen. In het gebied waar nu het Stadshart staat, is een bewerkte paal gevonden. Koolstofonderzoek wees uit dat deze paal stamt uit het einde van de 10e eeuw. Een ander bewijs van het bestaan van Zoetermeer in deze tijd komt voort uit vermelding op zogenaamde bottinglijsten. Deze lijsten bestonden uit namen van dorpen waar de graaf zo nu en dan recht kwam spreken.Voor het jaar 1000 was het midden van Holland bedekt met een metersdikke laag veen. Het gebied rond het Zoetermeerse Meer (de plek waar nu de Meerpolder ligt) was sompig en moerassig met hier en daar wat struikgewas, wilgen en berken. Stukken wildernis werden afgebakend en uitgegeven aan groepen vrije boeren, in ruil voor een kleine jaarlijkse vergoeding. Er werden sloten en kanalen aangelegd om overtollig water af te voeren. De eerste Zoetermeerders die aan het meer woonden, zijn in de loop der tijd naar de huidige Dorpsstraat verhuisd, omdat de oevers van het meer steeds drassiger werden. Het werd steeds moeilijker het land droog te houden en grondeigenaren gingen rond de 15e eeuw over tot turfsteken.

 

 

5 Loterij ten behoeve van belastingschuld  Zegwaart, 1704

Het dorp Zegwaart was rond 1700 bijna failliet. Er werd octrooi aangevraagd om een provinciale loterij te houden om met de opbrengsten de belastingen te kunnen voldoen aan de provincie en het hoogheemraadschap. Veel land stond onder water en boeren trokken weg, waardoor er nauwelijks belastinginkomsten waren. De boeren betaalden op basis van de hoeveelheid grond, maar konden het niet meer opbrengen. De loterij heeft het dorp gered. Men wilde graag het land waar zich nu Rokkeveen en Oosterheem bevinden ook sdroogmalen, maar men kreeg dat niet voor elkaar. Rotterdam heeft het vervolgens bewerkstelligd, wat betekende dat de opbrengsten ook lange tijd voor deze stad waren.

 

 

Nieuwsblad Zoetermeer, november 2005